sitemap    

'Reitsma onbeschoft en niet eerlijk'

Koninginnedag 2000 zal Jan Dick Leurs de rest van zijn leven bijblijven. Hij zat thuis in Haarlem, toen om kwart over tien 's avonds de telefoon ging en zijn ontslag als honkbalbondscoach werd medegedeeld. De dagen erna werden overheerst door ongeloof, onbegrip en boosheid. "Er zijn momenten geweest dat ik emotioneel werd. De gemeende reacties van mijn spelers, die doen me goed. Ze zijn er met elkaar mee bezig, want ze pikken dit niet. Met deze groep heb ik in de afgelopen jaren een band opgebouwd, want coachen is natuurlijk meer dan alleen vanaf de kant tekens geven. Ik heb nogal wat meegemaakt met die mannen."
Auteur: RedactieGeplaatst op: 19-05-2000, 10.00 
"Ik moest terugdenken aan twee jaar geleden, toen we op trainingskamp waren in Ohio. Ik kwam een week later, daar was toen ook al kritiek op. Maar de spelers wisten dat er in die week bij mij een tumor was weggehaald. Ze toonden zich oprecht in mij geÔnteresseerd, dat was mooi. Ik had een ticket voor mijn vrouw gekocht, ze was mee want misschien was dit wel de laatste keer. Gelukkig hoorde ik twee weken later dat de uitslag goed was."

Leurs werd in het afgelopen jaar door het bondsbestuur, met name voorzitter Theo Reitsma, verweten dat hij als bondscoach niet volledig beschikbaar was voor de voorbereiding op de Olympische Spelen. Het struikelblok was dat hij tijdens de Haarlemse Honkbalweek 's ochtends een paar uur naar kantoor zou gaan. "Dat ik na de avondwedstrijden 's ochtends om acht uur de faxen en de post zou doornemen, blijkt dus het hete hangijzer te zijn geweest. Ik had nooit gedacht dat ze me daar op zouden pakken. Echt niet. Ik dacht op meer krediet te kunnen rekenen. Eelco Jansen drukte het heel treffend uit: als je niet naar kantoor gaat, kun je bij ons op de hotelkamer Nintendo komen spelen."

De honk- en softbalbond KNBSB vroeg Leurs na de Olympische Spelen van 1996 in Atlanta of hij verder wilde als bondscoach. Leurs stelde voor om in een periode van drie jaar een nieuwe selectie op te bouwen die zich opnieuw zou kunnen kwalificeren voor de Olympische Spelen. Op het EK van vorig jaar werd dat doel bereikt, waarna Leurs aankondigde te willen stoppen. "Ik heb toen duidelijk gemaakt dat ik problemen zou blijven houden met mijn tijd. Peter van 't Klooster en Cees Herkemij (de technische mensen van de bond, red.) zagen daar geen gevaar in. We hebben toen een plan opgesteld waarin afspraken zijn gemaakt over mijn aanwezigheid tijdens trainingskampen en oefentoernooien in het olympische jaar. Daarover is ook een goed gesprek met mijn werkgever gevoerd, waar Reitsma ook bij was. Het probleem leek opgelost, totdat Reitsma na het gesprek op de parkeerplaats meedeelde niet akkoord te gaan. Dat typeert zijn werkwijze."

Het meningsverschil tussen Reitsma en Van 't Klooster verergerde met een bestuurscrisis tot gevolg. Reitsma vertrok in het najaar 1999, maar keerde bijna drie weken geleden terug op het pluche. Zijn eerste eerste daad in zijn tweede termijn is de eliminatie van Leurs, vier maanden voor het begin van de Olympische Spelen in Sydney. "Ik heb nooit ruzie met Reitsma gehad. We gingen vroeger als sporter en journalist op een goede manier met elkaar om. Ik vind het jammer dat we nooit aan tafel hebben gezeten om een goede discussie te voeren. Ik heb steeds via-via moeten vernemen wat hij niet vond deugen, maar nooit nam hij het initiatief om mij van zijn mening te overtuigen. Reitsma is niet open en eerlijk geweest."

"Ik zal niet zeggen hoeveel ik per jaar van de bond kreeg, maar het is een bedrag is waarvoor een voetbaltrainer van een amateurclub uit de derde of vierde klasse de ballen niet eens uit het net haalt. Het is het gevolg van het feit dat de KNBSB een arm bondje is. Het baantje als bondscoach is voor een groot deel hobbyisme. Ik nam al mijn vakantiedagen op."

Niet alleen Reitsma, maar ook Joop Alberda van het Team de Mission van NOC*NSF had kritiek op de olympische voorbereiding van de honkballers. Leurs heeft daar nooit op gereageerd, al heeft hij Alberda wel in een persoonlijk gesprek gevraagd op te houden met 'zeuren'. "Zoals de bond en NOC*NSF het schetsten, leek het wel alsof we maar wat deden. Dat is een belediging. Een jaar geleden is alles op papier gezet. Het hele programma, van dag tot dag, met trainingsuren, trainingsvormen, alles stond in mijn plan. De bond is daarmee akkoord gegaan, wij kunnen er niets aan doen dat de hoofdklassecompetitie na de Haarlemse Honkbalweek nog een paar weken doorgaat. Dat is onze schuld niet, wij kunnen dat niet oplossen. Daarvoor moet Alberda bij de clubs en de bond zijn."

"Ik ben boos op Reitsma geworden, toen hij zei dat we de Intercontinental Cup in AustraliŽ (november 1999, red.) als een oefentoernooitje hebben beschouwd en dat Nederland daardoor de WK-kandidatuur verknald zou hebben. Ik vind dat onbeschoft. Reitsma is een heel oneerlijke man. Hij heeft zelf de WK-kandidatuur verkloot, dus wie denkt-ie eigenlijk dat 'ie is? Reitsma bemoeit zich met topsport, maar heeft het zelf nooit uitgevochten."
"Reitsma had beter kunnen weten. We hadden in AustraliŽ vier belangrijke spelers niet mee - Mike Crouwel, Johnny Balentina, Rikkert Faneyte en Ken Brauckmiller - en Robert Eenhoorn kwam een week later omdat hij tv-commentaar moest geven bij de World Series. Alleen tegen Japan hebben we slecht gespeeld, de overige duels waren allemaal heel close. Als technische staf hebben we de fout gemaakt door na de lange vliegreis te snel oefenwedstrijden te gaan spelen. De spelers waren moe, kwamen rechtstreeks uit de play-offs rennen."

Zijn gezin leeft intens met hem mee. Er is genoeg om naar uit te kijken. Misschien is er weer tijd voor vakantie, in juli wordt het nieuwe huis in Zandvoort opgeleverd. Maar het ontslag wordt door zijn vrouw en twee dochters (22 en 26 jaar) allerminst als een bevrijding ervaren. Het ongenoegen overheerst. "Die twee meiden van mij zijn des duivels. Zij accepteren niet dat hun vader onrecht wordt aangedaan. Omdat ik de eerste dag nadat het nieuws bekend was geworden geen commentaar gaf, wilden de dames zelf naar de pers stappen met het ware verhaal. Ze gingen van kindsaf aan al met mij mee naar het honkbalveld. Ze weten dus heel goed wat die sport en die baan voor mij betekenden."

"Mijn leven verandert sterk. Koninginnedag 2000, ik zal het nooit meer vergeten. Ik was verdoofd, mijn vrouw vroeg: wat is er? Ze gaan niet met me door, zei ik. We konden het allebei niet geloven. Dit mag geen jankverhaal worden, maar je mag best weten dat ik die nacht slecht heb geslapen. Er komt een boel los, maar ik kan er niks meer aan doen."
"Ik moet het boek sluiten. Ik heb een week nodig om het ontslag te verwerken, maar ik weet dat ik verder moet met een leven zonder honkbal. Want dit is geen voetbal, het is niet zo dat er een aantal clubs aan de telefoon hangt. Ik heb eerlijk gezegd ook geen trek meer in een baan als coach in de hoofdklasse, want ik hield juist zo van het toernooihonkbal met het nationale team."

"Ik zal wat vaker met mijn jongste dochter mee naar het paardrijden gaan. Een dezer dagen horen we of ons paard drachtig is. Er komt misschien een veulentje, dat is leuk, dat is mijn nieuwe leven. Ik begrijp niets van paardensport, ik kan niet beoordelen of een dressuurproef nou goed of slecht is. Ik heb er totaal geen verstand van. Eigenlijk moet je mij zien als de Theo Reitsma van de paardensport. Alleen bemoei ik me er niet mee."

Gijs van Oosten

Meer headlines